Technische termen arm

Abductie


Dit betekent een beweging weg van het centrum van het lichaam. In geval van handprothesen beschrijft het de beweging van de vingers waarbij de vingers zich spreiden (hand openen of de vingers lossen ten opzichte van elkaar)

Adductie


Een beweging naar het centrum van het lichaam toe. Bij handprothesen beschrijft het de beweging van de vingers naar elkaar toe, of sluiten van de hand.

ADL (Algemene Dagelijkse Levensverrichtingen)


Dagelijkse activiteiten zoals aankleden, slapen, toiletgang.

Amputatie


Een amputatie is het afzetten van een deel van een ledemaat waarbij het bot in gezond weefsel wordt doorgesneden of door een gewricht wordt gesneden (disarticulatie). Er zijn diverse amputatieniveaus.

Amputatieniveau


Het amputatieniveau is het niveau (hoogte) waar het lichaamsdeel is afgesneden. Amputatieniveaus van de bovenste ledemaat zijn:

  • Vinger/duimamputatie
  • Partiële handamputatie
  • Transcarpale/carpale amputatie
  • Handdisarticulatie
  • Transradiale amputatie (onder de elleboog)
  • Elleboogdisarticulatie
  • Transhumerale amputatie (boven de elleboog)
  • Schouder disarticulatie en interthoraca-scapulaire amputatie (schouder is weggenomen en het schouderblad eveneens)

Axon-Bus systeem


De woorden "Axon-Bus" verwijzen naar een uniforme communicatiestandaard tussen de prothesecomponenten. Bovendien is het Axon-Bussysteem een op zichzelfstaand prothesesysteem. Het belangrijkste onderdeel is daarvan de Michelangelohand. Gebruikers van de Michelangelohand hebben veel voordeel bij de verhoogde functionaliteit van de hand.

Bilateraal


Aan twee zijden, bijvoorbeeld beide armen of beide benen zijn getroffen.

Digitale communicatie tussen prothesecomponenten


Dit is een vorm van communciatie tussen prothesecomponenten. De voordelen zijn:

  • Zeer hoge weerstand tegen storingen
  • Snelle en veilige data-overdracht

Digitale besturing van een prothese


De snelheid van de prothese, zoals bij openen en sluiten, bij draaien of omhoog en omlaag bewegen kan worden gevarieerd.

Dysmelie


Een congenitale misvorming, waarbij onderscheid wordt gemaakt door de volgende niveaus:

  • Amelie: de totale ledemaat ontbreekt.
  • Phocomelie: de hand of delen ervan zijn rechtstreeks verbonden aan de schouder.
  • Ectromelie: een tussenliggend stuk van bijvoorbeeld een lang been is niet aanwezig, de hand is behouden (longitudinaal defect).
  • Peromeliea: een deel van de arm ontbreekt.

Hybride prosthese


Hybride prosthesen maken gebruik van twee verschillende technologieën op hetzelfde moment. Bijvoorbeeld een myoelektrische hand kan worden gecombineerd met een lichaamsbekrachtigde prothese (elleboogscharnier) in geval van een bovenarmprothese. Het openen en sluiten van de hand wordt aangestuurd door (myo-) elektrische signalen terwijl in dit geval het buigen en strekken van de arm mechanisch gebeurt via een schouderharnas. .

Integraal batterijsysteem


Een permanent geïnstalleerde batterij die niet hoeft te worden verwijderd om op te laden.

Contralateraal


De zijde tegenover de aangetaste zijde.

Lock systeem


De locking pin en adapter om de liner en de prothese aan te sluiten.

Liner


De liner is een overtrek voor de stomp die werkt als een soort "second skin" tussen de beweegbare weke delen van de stomp en de harde schaal van de koker. Het beschermt en dempt delicate en drukgevoelige delen van de stomp en verbindt de stomp met de prothese. Liners zijn plooibaar en huidvriendelijk, maar stevig genoeg om ongewenste uitrekking tegen te gaan. Arm liners bieden draagcomfort en veiligheid.

Myoelektrische armprothese


Myoelektrische prothese zijn uitwendige elektrisch aangedreven prothesen. Elke spiersamentrekking wekt een elektrisch lading op op de huid, welke wordt gebruikt om de elektrisch aangedreven prothese aan te sturen.

Passieve armprothese


Passieve armprothesen worden gedragen om het lichaamsbeeld compleet te maken. Zij worden gedragen door mensen die dat belangrijk vinden. Maar niet alleen dat. Behalve dat een passieve armprothese ook handig is om voorwerpen tegen te houden zorgen deze ook voor de lichaamsbalans. Daardoor blijft de wervelkolom beter in balans en worden spieren en gewrichten van wervelkolom en onderste ledemanten gelijkmatiger belast. Dit zou secundaire problemen (rugklachten, schouder-nekklachten en hoofdpijn) voorkomen.

Proportioneel


De grijpkracht en grijpsnelheid kunnen worden aangestuurd door spiersignalen van variabele sterkte.

Proprioceptie


Feedback van sensoren in de lichaamsweefsels (huid, spieren, gewrichtskapsels, pezen).

Supinatie


Verdraaiing van de hand naar buiten door de voorarm zo te draaien, dat het spaakbeen en de ellepijp (radius en ulna) parallel liggen ten opzichte van elkaar. Als de arm naar beneden hangt wijst de handpalm naar voren (bij de voet: de binnenste rand van de voet optillen en tegelijk de buitenste rand naar beneden bewegen).

Proefprothese


Een prothese bedoeld om de kokervorm, het volume, de functie en het ontwerp van de prothese te testen.

Kabelgestuurde armprothese


Een kabelgestuurde armprothese is een lichaamsbekrachtigde prothese. Het zijn "actieve grijparmen" waarbij de prothesefunctie wordt aangestuurd door de lichaamskracht van de prothesedrager, met name door de stomp en/of door de schoudergordel. Bewegingen worden aangestuurd via een schouderharnas naar de prothese.