Revalidatie

Eerst moet de amputatiewond goed genezen. Zodra dit genezingsproces voltooid is, meestal na verloop van een paar weken, begint de eigenlijke revalidatie. Dit neemt doorgaans een half jaar in beslag.

Wanneer men precies met de intensieve revalidatie kan starten, wordt beslist door een verzorgingsteam op basis het herstelproces. Tijdens de revalidatie wordt u doelgericht voorbereid op het dragen van een prothese. Het is de bedoeling dat u zo mobiel en zelfredzaam mogelijk wordt om later een zo normaal mogelijk leven te kunnen leiden. Uw inzet is van essentieel belang voor het slagen van de revalidatie. Motivatie en zelfvertrouwen spelen ook een belangrijke rol.


Verzorging van de amputatiestomp

Tijdens de revalidatie verzorgt de patiënt de amputatiestomp, het litteken en ook het gezonde been al zelf. In het ziekenhuis wordt de verzorging van de wonden en het verversen van verband en zwachtels door verpleegkundigen en artsen gedaan. Tijdens de revalidatie is de geamputeerde zelf verantwoordelijk voor de verzorging van de amputatiestomp, het litteken en ook voor het gezonde been. Onafgebroken intensieve zorg is van essentieel belang voor een probleemloze prothesefitting achteraf.

Hoe zorg ik goed voor mijn amputatiestomp?
De fysiotherapeut of de verpleging geeft instructies om op een goede manier de stomp te verzorgen. Om te voorkomen dat de huid ruw wordt en begint te schilferen, dient de amputatiestomp 's ochtends en ’s avonds te worden gewassen met water en zachte zeep (bv. Derma Clean). Vervolgens moet de huid grondig worden gedroogd en wordt een crème aanbracht. Derma Repair en Derma Prevent zijn twee producten uit de verzorgingslijn van Ottobock die specifiek ontwikkeld zijn voor de verzorging van de zwaar belaste huid, zoals die van een amputatiestomp. De crème Derma Prevent helpt bijvoorbeeld om schaafwonden te voorkomen, doordat het beschermende laagje de huid zacht en soepel houdt.

Als er zich op de amputatiestomp huidplooien of littekencontracturen hebben gevormd, moet de u daar extra aandacht aan besteden om infecties te voorkomen. Het revalidatieteam kan hierover advies verstrekken. Tijdens de verzorging van de amputatiestomp moet u ook letten op wondjes, drukpunten en blaren. Deze moeten medische verzorging krijgen. Met een spiegel kan men de achterkant van de amputatiestomp inspecteren. Een andere belangrijke handeling tijdens de verzorging van de amputatiestomp is het regelmatige masseren en voorzichtig rekken van het litteken.

Compressietherapie

Compressietherapie

Na de operatie zal het weefsel van de amputatiestomp naar verwachting eerst opzwellen. Die zwelling is een normale reactie na de operatie. Ze kan worden voorkomen door over het gehele oppervlak druk uit te oefenen.

Meer

Verzorging van het gezonde been

Zolang de amputatiestomp na de amputatie nog niet veel gewicht kan dragen, wordt het gezonde been zwaarder belast.

Daarom is het belangrijk om ook het gezonde been regelmatig te onderzoeken, zelfs op kleine wondjes want ook die kunnen gevaarlijk zijn – vooral als ze ontsteken. Daarom moet elke wonde onmiddellijk door een arts worden behandeld. Het is immers heel belangrijk dat het gezonde been goed blijft functioneren. Ook de teennagels moeten regelmatig en zorgvuldig worden geknipt. Veel mensen met een amputatie gaan daarvoor naar een professionele pedicure.

Een goed zittende, comfortabele schoen hoort ook bij de verzorging van het gezonde been. Inlegzolen zijn eventueel aan te bevelen. Naast schoenen is ook de keuze van sokken van cruciaal belang: ze zijn bij voorkeur van wol of van katoen, dus weefsels die transpiratievocht kunnen absorberen. De boord mag niet te strak zitten want dat kan de bloedsomloop hinderen. Sokken en kousen moeten goed aansluiten zonder rimpels of plooien en mogen maar één dag worden gedragen. Draagt men ze langer, dan kan zich door transpiratie zout vormen waardoor op de huid schaafwondjes ontstaan die kunnen ontsteken.

Let op bij het blootsvoets lopen. Wanneer men het overgebleven been kwetst is het gevaar voor complicaties, zoals ontstekingen, groot. Draag liever schoenen (of pantoffels). Wanneer u een slechte bloedsomloop heeft kunt u in bed gebruik maken van een zachte steun om drukpunten te voorkomen.

Lopen met een prothese

Dankzij de moderne technologie kunnen er tegenwoordig prothesen worden vervaardigd die beantwoorden aan heel uiteenlopende eisen. De uitgekozen protheseonderdelen spelen dus een belangrijke rol. Het trainings- en oefenprogramma is er speciaal op afgestemd en is bedoeld om u zelfvertrouwen te geven tijdens het gebruik van de prothese en om dagelijkse bewegingspatronen opnieuw aan te leren.

Wandelen op een vlakke ondergrond
Zodra u de prothese kunt aanhouden en de stomp kunt belasten, kan de eigenlijke looptraining beginnen. In eerste instantie begint de training met evenwichtsoefeningen en coördinatie. U leert de prothese te belasten en het lichaam en bekken rechtop te houden.

Ook worden spierversterkende oefeningen aangeleerd. Sterke spieren zijn essentieel voor een stabiele lichaamshouding tijdens het lopen en staan.

Een eerste fase is om het lichaamsgewicht te verplaatsen tussen het gezonde been en de prothese. Dat gebeurt tussen de parallelle barren. U gaat de prothese belasten door het overgebleven been op te tillen zonder daarbij het hele gewicht op de armen te dragen. Wanneer dit lukt begint u te stappen. Ook zal men vragen om bijvoorbeeld maar met één hand te steunen zodat u de prothese echt belast. Daarna wordt de training stapsgewijze opgevoerd tot u zonder ondersteuning kunt staan en lopen.

Loopoefeningen dienen ook om een afwijkend looppatroon te vermijden of af te leren. Een correct looppatroon en een goede belasting van de prothese helpt om secundaire klachten te voorkomen, zoals rugklachten of hoofdpijn enz.

Veilig bewegen op hellingen en trappen

In het dagelijks leven zijn er altijd obstakels zoals stoepranden, trappen, garageopritten en ga zo maar door. De onderdelen van de prothese zijn van cruciaal belang. Deze kunnen worden afgestemd op uw behoeften om in en om uw huis, en ook daarbuiten, optimaal te kunnen functioneren. Een correct looppatroon is dus essentieel maar het aanbrengen van bijvoorbeeld een trapleuningen kan evengoed belangrijk zijn voor een probleemloos bewegen in en om uw woning.

Voorlopige prothese (oefenprothese)

Voor de definitieve prothese wordt er eerst een voorlopige prothese (oefenprothese) voor u gemaakt. Hiermee kan de looptraining worden ingezet in afwachting van de definitieve prothese.

Een voorlopige prothese helpt bij de looptraining maar dient evengoed om meer te weten te komen over uw persoonlijke bewegingspatronen, behoeften en verwachtingen. Dat geeft de orthopedisch instrumentmaker de waardevolle informatie om de protheseonderdelen te kiezen die het beste bij u passen. Vervolgens wordt de prothesekoker aangepast en wordt de definitieve prothese gemaakt afgestemd op uw behoeften.

Voor de definitieve prothese wordt er eerst een voorlopige prothese (oefenprothese) voor u gemaakt. Hiermee kan de looptraining worden ingezet in afwachting van de definitieve prothese.

Een voorlopige prothese helpt bij de looptraining maar dient evengoed om meer te weten te komen over uw persoonlijke bewegingspatronen, behoeften en verwachtingen. Dat geeft de orthopedisch instrumentmaker de waardevolle informatie om de protheseonderdelen te kiezen die het beste bij u passen. Vervolgens wordt de prothesekoker aangepast en wordt de definitieve prothese afgewerkt.

De prothese gebruiken

Met de hulp van uw fysiotherapeut leert u de prothese correct te gebruiken. U leert onder meer de prothese aan te trekken en uit te doen, u traint uw evenwicht en het opstaan en gaan zitten. Daarna beginnen de loopoefeningen. De functionele mogelijkheden van prothesen, zowel onderbeen- als bovenbeenprothesen kunnen erg van elkaar verschillen. Daarom is het heel belangrijk dat de onderdelen van de prothese zorgvuldig worden gekozen. De prothese en de speciale training om ze te gebruiken zijn essentieel om u te helpen uw persoonlijke therapiedoelstelling te behalen.

Correct aan- en uittrekken
Het is belangrijk dat u de prothese elke dag zelf kunt aan- en uittrekken. Misschien hebt u eerst nog wat hulp nodig, maar uiteindelijk is het de bedoeling dat u dit helemaal zelf doet.

Er zijn verschillende manieren om een prothese aan te trekken. Dat hangt af van het soort prothesekoker en van de amputatiestomp. Uw therapeut zal u laten zien hoe u het beste te werk gaat.

Behalve de stomp moet ook de prothese dagelijks worden verzorgd en gereinigd. Om transpiratie en huidcellen te verwijderen veegt u de binnenkant van de prothesekoker schoon met een vochtige doek.

Een schoon contactoppervlak met de huid kan huidirritatie voorkomen. Als u een liner draagt, moet deze ook dagelijks worden schoongemaakt volgens de gebruiksinstructies.

Gaan zitten en opstaan
Zodra u uw prothese kunt aan- en uittrekken, is de volgende stap leren te gaan zitten en op te staan. Dat zijn twee dagelijkse handelingen die u veel nodig zult hebben. Welke oefeningen u daarvoor moet doen hangt af van de onderdelen die in uw prothese zijn gebruikt zijn. Wanneer u bijvoorbeeld een C-Leg protheseknie heeft is het bijvoorbeeld mogelijk om uw gewicht over beide benen te verdelen terwijl u gaat zitten. Dat verlicht aanzienlijk de dagelijkse belasting van het gezonde been. Daardoor zult u minder snel ander klachten krijgen zoals rugpijn of klachten aan het gezonde been.

Bij een onderbeenprothese is een goede gewichtsverdeling net zo belangrijk bij het gaan zitten of het opstaan.